Inspiratie
Wanneer ik onderweg ben naar Rotterdam en de dynamische haven zie, ervaar ik hoe bestuurders en ondernemers ooit kansen zagen én benutten om iets groots te creëren.
Het besluit om in 1872 de Nieuwe Waterweg aan te leggen, gaf Rotterdam een enorme economische impuls en opende de weg naar internationale groei. Tegelijkertijd werden er ook keuzes gemaakt om waardevolle landschappen, zoals het oer-Hollandse Midden-Delfland, te behouden. Die balans tussen ontwikkelen en beschermen voel je als je daar langs vaart.
Voor mij is dat iedere keer opnieuw een bijzondere ervaring — een krachtig voorbeeld van visie, lef en verbinding. Die inspiratie deel ik graag met je.
Foto galerij start vanzelf
Vanuit mijn ervaring als bestuurder en adviseur schrijf ik reflectieve columns over openbaar bestuur, leiderschap en maatschappelijke vraagstukken. Daarin verbind ik praktijkervaring aan duiding van organisatiecultuur, vertrouwen en publieke verantwoordelijkheid.
Inspiratie artikel mei 2026
Wie bewaakt de maatschappelijke veerkracht?
Over opvang, gezag en de grens van wat een samenleving kan dragen
Wat mij in de huidige discussie over asielopvang zorgen baart, is dat het debat steeds vaker wordt teruggebracht tot uitvoering, handhaving en juridische verplichtingen. Natuurlijk moeten bedreiging, intimidatie en geweld altijd worden afgekeurd. Daarover mag geen enkele twijfel bestaan in een democratische rechtsstaat. Maar maatschappelijke rust ontstaat niet uitsluitend door wetten uit te voeren of harder op te treden. Een samenleving blijft alleen veerkrachtig wanneer mensen het gevoel houden dat zij worden gehoord, serieus genomen en betrokken bij besluiten die direct hun leefomgeving raken. En precies daar wringt het steeds vaker.
Veel inwoners maken zich niet alleen zorgen over opvanglocaties op zichzelf. Onder de maatschappelijke onrust liggen bredere gevoelens: verlies van grip, druk op voorzieningen, twijfel over leefbaarheid, gebrek aan invloed en groeiende afstand tussen bestuur en samenleving. Tegelijkertijd zien we demonstraties en protesten steeds sneller verharden. Dat vraagt om duidelijke grenzen richting geweld en intimidatie, maar ook om bestuurlijke wijsheid in de manier waarop het debat wordt gevoerd.
Uit ervaring weet ik dat stevige bestuurlijke taal soms juist averechts kan werken. Wanneer inwoners vooral woorden horen als “keihard aanpakken”, “geen ruimte geven” of wanneer protesten direct in verband worden gebracht met extremen of ordeverstoring, kan dat gevoelens van verwijdering en escalatie versterken in plaats van dempen. Juist in gespannen situaties vraagt openbaar bestuur daarom niet alleen om gezag, maar ook om kalmte, zorgvuldigheid en gevoel voor maatschappelijke verhoudingen. Woorden van bestuurders doen ertoe. Zij kunnen rust brengen, maar ook onbedoeld bijdragen aan verdere polarisatie.
Dat geldt ook voor de manier waarop bewindspersonen over gemeenten spreken. Wanneer een minister aangeeft teleurgesteld te zijn dat steeds minder gemeenten willen bijdragen aan het ontlasten van Ter Apel, en daaraan toevoegt dat anders niet meer duidelijk is waar vluchtelingen de nacht moeten doorbrengen, is die zorg op zichzelf begrijpelijk. Maar juist in zulke woorden klinkt ook een bestuurlijke reflex door waarin opvang vooral wordt benaderd als een probleem dat opgelost moet worden, desnoods onder dwang wanneer vrijwilligheid uitblijft. Terwijl onder de terughoudendheid van gemeenten vaak een diepere vraag ligt: hoeveel maatschappelijke draagkracht en veerkracht is lokaal nog aanwezig?
Wanneer die onderliggende werkelijkheid onvoldoende wordt benoemd, ontstaat bij inwoners gemakkelijk het gevoel dat hun zorgen vooral worden gezien als hinder voor de uitvoering. Dat vergroot de afstand tussen bestuur en samenleving eerder dan dat het vertrouwen herstelt.
Toch lijkt de bestuurlijke reflex vooral gericht op méér regie, méér coördinatie en méér uitvoeringskracht. Vanuit landelijke gremia wordt gesproken over spoedoverleggen, regietafels en speciale ondersteuningsteams om opvang “mogelijk te maken”. Daarmee ontstaat gemakkelijk het beeld dat maatschappelijke weerstand vooral een uitvoeringsprobleem is. Maar dat is een miskenning van wat er werkelijk speelt.
Maatschappelijke veerkracht laat zich niet organiseren vanuit Den Haag alleen. Juist kleinere gemeenten voelen vaak haarfijn aan waar draagvlak aanwezig is en waar maatschappelijke spanning begint op te lopen. Daar kennen inwoners, raadsleden en bestuurders elkaar nog persoonlijk. Daar wordt sociale onrust vaak eerder gevoeld dan zichtbaar wordt in rapportages of landelijke analyses. De kernvraag is daarom niet alleen: hoe organiseren we opvang? De echte vraag is: hoeveel maatschappelijke rek is lokaal nog aanwezig — en hoe voorkomen we dat vertrouwen blijvend beschadigt?
Dat vraagt allereerst iets van het kabinet. Wanneer het Rijk wettelijke spreiding of opvanglocaties wil realiseren, hoort daar ook de verantwoordelijkheid bij om maatschappelijk vertrouwen actief te beschermen. Dat betekent gemeenten serieus blijven betrekken bij de verdere invulling van opvanglocaties, juist nu de spreidingswet een gegeven is. Niet uitsluitend sturen op aantallen en verdeelsleutels, maar ook kijken naar de maatschappelijke draagkracht die lokaal nog aanwezig is. Investeren in leefbaarheid, veiligheid en voorzieningen. Ruimte bieden voor lokaal maatwerk. En erkennen dat draagkracht niet alleen juridisch, maar ook maatschappelijk bepaald wordt.
Ook van burgemeesters mag hierin leiderschap worden verwacht. Niet alleen als handhaver van de openbare orde, maar juist als hoeder van maatschappelijke samenhang. Dus ligt er de opdracht spanningen tijdig en eerlijk te benoemen. Ruimte organiseren voor het echte gesprek. Voorkomen dat inwoners het gevoel krijgen dat participatie slechts een formaliteit is. Demonstraties zoveel mogelijk benaderen als uiting van maatschappelijke gevoelens en niet direct als veiligheidsprobleem. En richting kabinet en veiligheidsregio duidelijk aangeven wanneer de maatschappelijke rekgrens zichtbaar onder druk komt te staan. Want een burgemeester kan veel organiseren, maar kan niet onbeperkt maatschappelijke veerkracht compenseren wanneer vertrouwen structureel afneemt.
Ook de toon van het publieke debat helpt op dit moment onvoldoende. Enerzijds wordt stevig benadrukt dat “de wet nu eenmaal moet worden uitgevoerd”. Anderzijds klinkt richting inwoners die zich zorgen maken of protesteren steeds sneller taal over “keihard aanpakken”, extremen en ordeproblemen. Juist die overtreffende trap zou bestuurders zorgen moeten baren. Want wanneer overheid en politiek steeds nadrukkelijker moeten uitleggen waarom besluiten geaccepteerd moeten worden, terwijl inwoners zich tegelijkertijd steeds minder gehoord voelen, is dat vaak geen teken van kracht maar van groeiende verwijdering. Bestuur vraagt daarom niet alleen om juridische juistheid, maar ook om maatschappelijk invoelingsvermogen. De kunst is dat bestuurders woorden weten te kiezen waarin inwoners zichzelf nog herkennen.
Dat betekent overigens óók iets voor de samenleving zelf. Van inwoners mag worden verwacht dat protest vreedzaam blijft, dat bestuurders hun werk kunnen doen en dat moeilijke maatschappelijke opgaven niet met intimidatie of dreiging worden beantwoord. Een democratische samenleving kan toch alleen functioneren wanneer verschillen van inzicht binnen de grenzen van de rechtsstaat blijven. Maar andersom mag de samenleving ook iets van de overheid verwachten. Namelijk dat de overheid zorgen niet te snel wegzet als ondermijnend, dat draagkracht eerlijk wordt meegewogen en dat inwoners daadwerkelijk invloed ervaren op besluiten die hun directe leefomgeving raken.
Want uiteindelijk draait maatschappelijke veerkracht niet alleen om opvanglocaties of spreidingswetten. Zij draait om de vraag of mensen het gevoel houden mede-eigenaar te zijn van hun samenleving. Waar dat gevoel verdwijnt, neemt de verwijdering toe. En waar vertrouwen afbrokkelt, blijft uiteindelijk vooral handhaving over. Dat is bestuurlijk misschien verklaarbaar, maar maatschappelijk een teken dat we ergens eerder iets hebben laten liggen.
De echte opgave van deze tijd is daarom niet alleen het organiseren van opvang, maar het behouden van maatschappelijk vertrouwen. Want uiteindelijk wordt maatschappelijke samenhang niet georganiseerd vanuit Den Haag, maar opgebouwd tussen mensen die samen moeten blijven leven.
Waar moet ik zijn?
Kabinet by Floriette BV
- Gaagweg 7, 2636 AJ SCHIPLUIDEN of
- Honderdland 354, 2676 LV MAASDIJK
telefoon: 0031 (0) 6 51 06 98 11
email: info@kabinetbyfloriette.nl
Ervaren praktijkadviseur
Arnoud Rodenburg is partner binnen het bedrijf en verantwoordelijk voor de strategische advisering. Met meer dan 30 jaar bestuurlijke ervaring op lokaal, regionaal, nationaal en internationaal niveau beschikt hij over diepgaande kennis van de publieke sector. Hij staat bekend om zijn creatieve en doortastende aanpak bij complexe vraagstukken.
Arnoud heeft een lange staat van dienst binnen het openbaar bestuur en is gespecialiseerd in het positioneren van gemeenten op basis van hun unieke kwaliteiten. Hij is zeer ervaren op het gebied van landschap, greenport, veiligheid en heeft een sterke affiniteit met de maritieme sector. Dankzij zijn brede bestuurlijke ervaring beschikt hij over een groot landelijk netwerk en een uitgebreid internationaal netwerk.
Waarom Kabinet?
Als burgemeester had ik een kabinet: een overlegplek waar vertrouwen vanzelfsprekend was en vertrouwelijkheid gegarandeerd. Juist die basis is bij bestuursadvisering van onschatbare waarde.
In alle kwetsbaarheid moet je vrijuit met elkaar kunnen spreken, twijfels delen en perspectieven verkennen. Alleen dan kun je op het juiste moment naar buiten treden met een verhaal dat stevig staat. Een verhaal dat voortkomt uit authenticiteit — gedragen door gevoel, passie en overtuiging.
Floriette Experience Center
Voor onze zakelijke arrangementen vanuit Schipluiden werken we nauw samen met het team van Floriette Experience. Samen creëren we inspirerende ontmoetingen in een prachtige natuurlijke omgeving.
Het doel is eenvoudig maar krachtig: mensen laten genieten van de natuur, het landschap en van elkaars gezelschap. Een omgeving waar ontspanning, verbinding en inspiratie samenkomen.
Heb je al een besluit genomen?
Nog even van gedachten wisselen op de bank? Natuurlijk kan dat ook!